In de NRC van 8 augustus staat een stukje over The Infinity Machine van Sebastian Mallaby, de biografie van Demis Hassabis, hoofd research bij Alphabet, het moederbedrijf van Google. Het is een bijzonder stukje dat het gespleten karakter van Hassabis en zijn godcomplex goed weergeeft.
Net als de voormalige halfgod Ray Kurzweil denkt hij dat de singulariteit dichtbij is. Nog een paar jaar en dan is het zo ver. Ook kunnen binnen een decennium alle ziektes worden genezen. Zijn werk aan AI is hetzelfde als het scheppende werk van een god.

Deze fijne eigenschap combineert hij met een ziekelijke competitiedrang. Als hij een spelletje tafeltennis verliest van een van zijn medewerkers is hij dagenlang niet te genieten.
Het vreemde is dat hij wel pleit voor een AI waakhond. Dat moet een internationale toezichthouder zijn, geleid door de VS. Dat zal tegenwoordig geen geloofwaardig betrouwbaar instituut meer opleveren. Sinds Trump heeft de VS het beroep daarop wel helemaal verspeeld.
Tenslotte pleit hij voor een eerlijke verdeling van de gigantische opbrengsten van de AI. Welke opbrengsten? Vooralsnog is er een gat van honderden miljarden tussen de werkelijke omzet en de investeringen, en er is niet alleen geen enkel vooruitzicht dat dit gat gedicht gaat worden, er wordt zelfs voorspeld dat de investeringen doorgaan en het gat dus nog groter zal worden.
Ondertussen werkt Hassabis aan een technologie waarvan hij in het recente geciteerde essay op X schrijft dat die meer impact zal hebben dan de industriele revolutie – wel 10 keer zo groot en met 10 keer zo veel snelheid (wie horen we hier net zo brallen?). We kunnen zelf wel het punt bereiken dat hulpbronnen niet langer de beperkende factor vormen voor de vooruitgang van de mensheid, wat leidt tot een verbazingwekkend nieuw tijdperk van overvloed. En de VS zal veilig over dit nieuwe tijdperk waken. Zo blijkt Hassabis een typische slimme wetenschapper die in zijn AI-bubbel het contact met de realiteit is kwijtgeraakt.
