31 maart 2023. Weer zo’n dag waarop je vergeet dat het ooit heeft geregend. Hiroshima verwent ons.
We huren e-bikes. Dat zou via een app moeten kunnen, maar mijn creditcard wordt niet geaccepteerd. Geen idee waarom. Gelukkig is er vlakbij een fysieke winkel. De eigenaar is uiterst vriendelijk. Hij onderbreekt zijn reparatiewerkzaamheden, we rekenen af en hij loodst ons naar onze fietsen, een paar straten verderop.
We zetten de zadels van de kleine fietsen op de hoogste stand en fietsen, nog steeds met opgetrokken knieën, de stad in.
Hiroshima ligt in een delta van rivieren. We volgen de fietspaden langs de rivier. In het centrum zijn langs de rivier mooie parken aangelegd. In de parken bloeien de sakura’s. De mensen flaneren en genieten onder de bomen.
We zakken de rivier af, langs oude wijken, steken de rivier een paar keer over. Hoe dichter we de monding naderen, hoe industriëler het landschap wordt.
Uiteindelijk bereiken we het uiteinde van de landtong. Een lange brug op enorme betonnen pilaren voert een snelweg over de delta. We kijken rond en steken over naar een andere arm van de rivier. Hier weer meer woonwijken dan bedrijventerreinen. Niet mooi, maar wel boeiend. Brede hoofdwegen, maar de woonblokken doorsneden door smalle steegjes. Noodzaak of keuze? Het creëert een knusheid die de brede straten missen.
We hebben trek gekregen en rijden naar Youme Town, een winkelcentrum met kale gangen en TL-verlichting. Niet uitnodigend, maar we vinden een restaurantje waar we een uitstekende lunch geserveerd krijgen.
We fietsen terug via Hijiyamakoen, een mooi park op een heuvel. Blij met de elektrische ondersteuning klimmen we over de steile wegen door het park. Er is een museum voor moderne kunst, maar het is eind van de middag en we zijn vermoeid. We laten het museum liggen.
We dalen af en zetten de fietsen terug. Een perfecte fietsdag.
Ik zit in de trein en werk aan het Japanse verhaal.
Een stel komt binnen, op zoek naar een zitplaats. Maar de trein is vol.
De man gaat tegenover me zitten. Dan ga ik hier wel, zegt hij tegen zijn vrouw. Blij dat hij een plekje in heeft gevonden, ook al is het de 1e.
Maar dat ga ik niet doen, zegt de vrouw. Ze draait zich om en loopt de coupe uit.
We naderen het pittoreske Amsterdam Sloterdijk, roept de conducteur om.
De man blijft nog even zitten.
‘Dan ga ik ook maar’ zegt hij verontschuldigend tegen en loopt de coupe uit, achter zijn vrouw aan.
28 maart 2026
18:12
Ik met aan het werk met 3 AIs open: Mistral, Claude (maar de gratis limiet bereikt) en Gemini. Eigenlijk schiet ik er weinig mee op. De dingen die uit Claude komen zijn ok. De andere zijn fact checkers die ik vervolgens zelf moet fact checken om te kijken of ze niet hallucineren.
29 maart 2026
07:00
De zomertijd is ingegaan vannacht. Ik zit op de bank en realiseer me dat het eigenlijk 6 uur is en dat dat een belachelijke tijd is om op te staan op een zondag.
10:50
Artikel dat ik heb geschreven drie keer omgedraaid. Wie leest het zo nauwkeurig dat de edits van het afgelopen uur nog zinvol zijn?
22:00
Postte het artikel probeer niet meer te kijken naar de duimpjes. Wat een idioot gedoe. Netto resultaat op de verkoop, op kort termijn althans, want verder kan ik natuurlijk niet kijken na 12 uur: geen.
De lange staart…
3 april 2026
08:57
In de trein naar Nijmegen. Klagen over het internet in de trein helpt niet. Kennelijk is dat heel lastig. Ook dataverbinding op de telefoon heeft het zwaar.
Ik edit de cringe van mijn website.
14:35
In de trein terug. Arnhem is een kopstation en nu rijdt ik weer rechtvooruit. Ik wil er eigenlijk niet over nadenken, maar hoe kan een volk zo’n pathologische leugenaar als president kiezen.
21:30
We kijken naar een Marvel: the Fantasic Four retro, of iets dergelijks. De mensen rijden nog in Buicks uit de jaren vijftig, maar de Fantastic Four reizen sneller dan het licht (FTL – Faster Than Light). De Four nemen het op tegen een soort oeroude god, een soort Balrog, die een baby wil hebben met cosmische krachten.
Do something that won’t compute, schrijft Austin Kleon. Misschien is dat ook wel het antwoord op AI. O het is een quote van Wendell Berry, en het gaat meer over dingen doen die niet direct of helemaal geen nut hebben.
Ik lees ook bij Austin Kleon dat Glen Baxter is overleden.
29 maart 2023. Vandaag reizen we weer verder; naar Hiroshima.
In Osaka worstelen we in de ochtend tegen de menselijke stroom kantoormensen in die uit de metro geperst wordt. We nemen de metro naar Shin-Osaka, het treinstation waar de Shinkansen stopt. Het metrostation Yodoyabashi is enorm druk. We twijfelen even of we in een propvolle metro willen stappen of even afwachten of de volgende wat rustiger is, maar meedogenloos worden we door de massa achter ons naar binnen geduwd. Niet onbeschoft maar resoluut: geen getwijfel hier: doorlopen!
De Shinkansen is geweldig. Op tijd, uiteraard, en met ruime zitplaatsen. Het blijft jammer dat de trein het overgrote deel van de rit in een halfhoge betonnen bak rijdt die het uitzicht over het landschap belemmert. Desalniettemin kunnen we een goede indruk van het landschap tussen Osaka en Hiroshima krijgen.
Hiroshima is al op het station een oase van rust, na het hectische Osaka. Het bussysteem werkt hier weer net iets anders dan waar we in Kanazawa aan gewend waren geraakt. We moeten zoeken naar de juiste buslijn. Ik vraag een willekeurige man die langsloopt of hij weet welke bus naar Namiki Avenue gaat. Hij wijst ons naar de halte en noemt het busnummer (dat ik nu vergeten ben). We danken hem, lopen naar de halte en gaan in de rij staan. Een paar minuten later draai ik me om en zie de man die ons hielp even verderop staan. Hij houdt ons in de gaten. Hij glimlacht en knikt. De bus arriveert en we stappen in. Ik zie dat de behulpzame Japanner naar me knikt, tevreden kijkend, en zich omdraait en wegloopt. De toeristen zitten veilig in de bus, probleem de wereld uit.
We rijden een minuut of twintig door de stad die na 1945 geheel herbouwd is, en merken het verschil met Tokyo en Osaka. Hiroshima heeft brede straten met veel ruimte, de gebouwen staan minder dicht op elkaar, er zijn meer parken en er is veel minder hoogbouw dan in Osaka en Tokyo.
Het hotel is kalm en dat contrasteert ook met de hectiek van Osaka. We laten onze spullen achter in onze hotelkamer en wandelen door de stad in. Vanaf ons hotel is het 10 minuten lopen naar het bekende Hiroshima Memorial. Op enorme borden wordt aangekondigd dat over anderhalve maand de G7-top en als speciale gast president Zelenski van Oekraïne elkaar hier zullen ontmoeten.
Langs de Motoyasu rivier staan de kersenbloesems vol in bloei. Onder de bomen zitten heel veel gezinnen te picknicken, maar ook bejaarden en kantoorpersoneel genieten hier van de lunch. Dit is de tijd van de bloeiende Sakura en dat is een speciale periode voor de Japanners. We eten een softijsje met sakura-blaadjes, een must in deze bloesemtijd, en we slenteren langs de rivier.
We bezoeken het Hiroshima Memorial Museum. De dame bij de deur vraagt waar we vandaan komen.
‘Holland, The Netherlands.’ We zeggen het vaak in deze dubbele aanduiding.
‘Oh, there are so many people from the Netherlands today!’
Ze laat de dunne stapel folders in het Nederlands zien naast de Engelse, als bewijs.
‘Oh, that is scary!’ zeg ik.
Ze schaterlacht, en kijkt dan geschrokken om zich heen alsof ze betrapt is op het laten van een scheet.
We lopen door richting het Hiroshima kasteel. We passeren een enorme bouwplaats waar gewerkt wordt aan een gigantisch voetbalstadion. Het moet in 2024 klaar zijn. Dat zal dan wel lukken. Dit is Japan.
Het originele houten kasteel is in 1945 vernietigd. De herbouw is van beton en staal. Het oogt authentiek maar voelt kil.
We wandelen naar een groot warenhuis en eten bij de foodcourt. In de rondgang rond de roltrappen zijn een soort steegjes geconstrueerd waarin restaurantjes zijn gevestigd. Het geeft een traditionele en knusse indruk middenin een modern warenhuis.
Bij het afrekenen ratelt de dame achter de kassa in het Japans tegen me: 2035 Yen. Ze kijkt me aan en begint te lachen als ze aan mijn blik ziet dat ik er niets van begrepen heb. Ze draait het display en laat me het bedrag zien.
Dit is de achtste aflevering van de serie ‘912 uur Japan’.
28 maart 2023. Vandaag is het eindelijk droog. De lucht is strakblauw. We blijven in Osaka.
Eerst naar Kuchu Teien, de Umeda Sky Building. Een gebouw met spectaculair uitzicht over de stad. We verlaten het gigantische station van Osaka aan wat ik maar de achterkant noem. Ik maak een foto van het Umekita Plaza achter het station. Een meisje overhandigt iets aan een dame die een mooie buiging maakt terwijl ze het aanneemt. Groepjes mensen genieten van de zon aan de tafeltjes op het plein. In de verte zit Ted Hyber, de groene teddy beer, in het water.
Umekita Plaza, Osaka 2023 – ook verkrijgbaar als fine art print
We lopen door naar de Sky Building en nemen de lift naar boven. Het is een heldere dag. Het uitzicht over de stad, de rivier en de baai is geweldig. De auto’s kruipen door de straten als in een miniatuurmodel.
Daarna wandelen we langs de rivier richting het havengebied. Hier zie je een heel andere kant van Osaka. De krappe stad verruimt zich, wordt industriëler. Bij de monding van de rivier brengt een lange brug op enorme pilaren een snelweg over de delta. We nemen het pontje Tempozan Ferry naar de andere oever. Hier liggen de Universal Studios met Harry Potter en Jurassic Park attracties. We lopen door – dit is niet ons ding.
We nemen de trein terug vanaf station Universal-City naar de heksenketel van het enorme station van Osaka. De tweede helft van de middag duiken we in de chaotisch-uitbundige wijken die Osaka zo beroemd maken: Shinsaibashi, Namba en Dotonbori. Extravagant uitgedoste jongeren, neonreclames die flikkeren, en overal J-pop uit speakers. Vooral geluid. Overal geluid. Dit is Japan op zijn extravagantst.
Heel mooi, maar het bombardement van kleur, geluid en bewegende beelden maakt ons ook onrustig. Dat zijn wij niet gewend.
Dit is de zevende aflevering van de serie ‘912 uur Japan’.
Ik las Matthijs Deen’s De Wadden. Een beeldend geschreven historie over de ontwikkeling van het Waddengebied sinds de Romeinse tijd. Als Terschelling-liefhebber kom ik er een beetje karig af.
We kijken naar oude Bond films die nu op Netflix te zien zijn. Thunderball. De eerste Bond-film waarin 007 niet rookt, zegt wikipedia, . Later deze week ook Die Another Day, de film waarin Halle Berry en Madonna een rol hebben.
Judith Herzberg noemt in een interview met NRC het werken aan gedichten een vorm van spijbelen. ‘Omdat je altijd eigenlijk de afwas zou moeten doen die er van gisteravond nog staat.’ Als dat werk dat eigenlijk gedaan moet worden zoals de was doen en stofzuigen, dat blijft gewoon liggen als je aan je kunst bezig gaat. Een bijzondere benaderingswijze, een beetje het tegenovergestelde van procrastineren, waarbij je je werk aan je gedichten (fotografie, schrijven, tekenen, …) juist uitstelt door bezig te zijn met de prullenbakken legen, stof afnemen, etcetera.
Ik las Territorium, het fotoboek van Henk Wildschut over veehouderij en natuurbeheer in zijn geboortegrond op de Veluwe. Wildschut maakte er een paar jaar lang foto’s en interviewde mensen die iets met het gebied hebben, van kalverhouders tot wandelaars en ecologen. Naast hele mooie foto’s levert dat ook inzicht in het soms ongenuanceerde onbegrip over de gevolgen van de stikstofneerslag in het gebied.
Tony Dočekal maakte een mooi fotoboek over haar trip door het westen van de Verenigde Staten, The Color of Money and Trees. Het lijkt verschillende invloeden samen te brengen. Ik meen er Bertien van Manen in terug te zien (Moonshine, bij zo’n mooi zinneetje als ‘where cell reception is flaky’), een Gurski-achtig landschap (Bahrein I), Eggleston (telefoontoestel aan kleurloze muur in een hotelkamer, een hondje op een groene trap), de collage-achtige pagina’s en tekstjes aan American Geography van Matt Black. Mooi boekje, gekocht bij de ‘viering’ van de sluiting van de fysieke winkel van Wolf Books. Ze gaan online door.
Een magere fotoweek. Vakantie en persoonlijke beslommeringen. Ik bezocht Museum Arnhem en liep een fotorondje door de miezerregen.