Aantekeningen over wat mij opvalt.

Beyond reading

Neil Postman schreef dat een transitie naar visuele media de neergang van de aandacht voor lezen zou inhouden. Boeken, essays, lange artikelen, dat zijn media waarvoor je moeite moet doen, en die dus geen hapklare ‘messages’ zijn. The Medium is The Message, schreef McLuhan.

Nu lijken we steeds een punt te bereiken met nieuwe media waarbij we bedenken: what’s next. Nieuwe media, nieuwe messages. Radio, TV, Ebooks, blog, vlogs, AI. Of is het een cyclus, en moeten we wachten op een nieuwe technologie, die het lezen een andere message brengt. En brengt een nieuw medium het vorige medium om, of heeft het oudere medium nog steeds bestaansrecht, met zijn eigen uniek kenmerken – en … ‘message’.

Schrijver Maria Konnikova schrijft op haar blog: “We lose critical thinking ability. We lose our memory. We lose analytical skills. We lose metacognitive awareness. We lose creative thought. When we lose deep reading, we lose deep thinking.”

Maar eigenlijk is het het omzeilen van moeilijke dingen:

When things are easy, we often come away with the false impression of learning, knowledge, and comprehension. We think we know something when we actually don’t. The process of struggling with material, of grappling with new ideas, of trying things that are difficult, both mentally and physically, is how we learn to do the thing, how we grow, how we go from thinking we know to actually knowing.”

Dus volgens Konnikova gaat het om het verlies van kritisch denken en kennis. Een kritiek die in de lijn ligt van de zorgen van Neil Postman. Waarbij het kennelijk als makkelijker wordt beschouwd om iets te leren via een video, of andere medium dan via lezen. De vraag is of dat waar is, en of deze reactie op de effecten van nieuwe media niet dezelfde onderschatting is als waar McLuhan over schreef met betrekking tot het nieuwe medium televisie.

The main cause for disappointment in and for criticism of television is the failure on the part of its critics to view it as a totally new technology which demands different sensory responses.”

Podcaster en schrijver Tim Ferriss (dubbel r dubbel s) speculeert op zijn blog over hoe AI de markt voor een categorie non-fictieboeken heeft beïnvloed. Hij voert als bewijslast de verkoopcijfers van zijn eigen boeken aan. Wat Ferriss er niet bij vertelt, is dat hij met de Four Hour Workweek een boek heeft gepubliceerd dat een uitzonderlijk lange tijd goed heeft verkocht. En als je meer context bij zijn cijfers geeft, is de vraag of een uiteindelijke decline niet te verwachten was. Zijn laatste boek publiceerde hij meer dan 10 jaar geleden. Misschien is de glans gewoon van Ferriss af. De nieuwe lezer kent hem niet. Daarnaast denk ik dat als je boek zich laat samenvatten tot een paar ideeën en de vorm van het boek een opgeblazen ballon rond deze ideeën vormt, zoals ik eerder schrijf over bijvoorbeeld Tony Robbins, dan kan een tool die de lucht uit zo’n boek laat lopen ook als een zegen beschouwd worden. Niet voor de auteur of de uitgever, maar wel voor de lezer, de markt.

Zijn het de schrijvers die klagen over hun klanten – het lezerspubliek – of is er echt iets gaande, iets wat McLuhan en Postman voorzagen. Of is er iets dat verder gaat dan een teruggang van het aantal lezers, maar ook van ons vermogen om onze aandacht vast te houden bij moeilijke zaken. Is het zo dat er zoveel nieuwe media bijgekomen zijn dat we niet weten waar we onze aandacht bij moeten houden en steeds achter een in onze ogen groter konijn aanjagen, tot er een nog vetter mediakonijn voorbijschuift. Aangejaagd door de aandachtstechnieken waarvan de media- en advertentieorganisatie de media mee ‘verrijken’.

Twee edities verder

Vorige week begon ik een Engelstalige newsletter. Twee edities inmiddels: Not Dead Yet — elke paar jaar wordt iets dood verklaard. Fysieke boeken, schrijven, Europa, mainframes. Vrijwel altijd prematuur. Over Gerrit Krols De man achter het raam, en 912 uur Japan dat eindelijk af is. En On Butter, Websites as Art, and Old Notebooks, over websites als kunstwerk, een cloud-platform gebouwd op een gerecyclede laptop, en notebooks die ik nog steeds niet heb uitgetypt.

  1. Not Dead Yet
  2. On Butter, Websites as Art, and Old Notebooks

Volledig hier.

Twee films over ruggengraat

Ok, het weer. Eindelijk regen. Eerst niet eens verfrissend: het blijft klef, het wordt misschien wel kleffer – maar wel verlossend. Het is nog benauwd in huis. Deuren en ramen staan open. De regen ruist op de parasol op het terras. Druppels vallen op het dak. Water gorgelt in de dakgoot. Het rommelt zelfs hoog in de wolken. In de loop van de week zwaardere buien en van mij mag het wel alweer wat minder.

Ik begon een nieuwsbrief op Substack, in het Engels. Had ik zin in.

Not Dead Yet - Substack post niek de greef

Zondagmiddag kijken De Gaulle in Filmhuis Alkmaar. Van de week las ik over De Gaulle en Odysse in een artikel van Bas Heijne in NRC. In tegenstelling tot onze Nederlandse leiders, die elke moraal laten varen en buigen als vazallen bij conflicten, was De Gaulle iemand die wel de eer aan zichzelf hield, ook al werd hij voor gek verklaard en een Don Quichot beschouwd. Na het artikel verwachtte ik een heldenepos waarin De Gaulle voor begin tot eind een semigoddelijke status wordt toebedicht. Dat valt gelukkig nogal mee. De film brengt mooi de momenten in beeld waarin de kijker denkt: als De Gaulle nu vasthoudt aan zijn doelen, is hij ook wel een redelijk getikt. Zouden wij op dezelfde manier de rug recht zou hebben gehouden zoals De Gaulle dat deed, tegen beter weten in, en met weinig tot geen steun? Waarschijnlijk niet. Dat niet alleen, De Gaulle aanvaardt de consequenties als hij op een zijspoor gezet wordt. Hij gaat niet alsnog door de knieën. Inderdaad een voorbeeld voor onze ruggengraatloze leiders.

Het verhaal sluit net iets te veel in Hollywood-stijl af. Een beetje ingetogener einde was meer in lijn geweest met de rest van de film.

Met een mooie rol van Youp van het Hek als Churchill, die uitstekend engels en frans blijkt te spreken. Of is het toch Simon Russell Beale?

Churchill (Simon Russell Beale)
Churchill (Simon Russell Beale). ©Pathé Films / TF1 films production

Maandag loop ik naar Egmond-Binnen om een pakketje af te geven. Een wandeltraining en fotografierondje.

In de middag bekijken we La vita va cosi. Een Italiaanse film over een herder die zich verzet tegen de verkoop van zijn boerderij door een projectontwikkelaar. Ook een film over een man met ruggengraat, die niet buigt voor geld en dreigementen. Hebben we nodig, kennelijk.

Onderdeel van de mediacampagne bij de film is de achtergrond van de acteur Giuseppe Ignazio Loi, de man die rol van de oude herder Efisio Mulas speelt. Loi was een herder uit Sardinie en werd gecast omdat de regisseur een authentieke herder voor deze rol wilde. Wat gelukt is.

Demis Hassabis en zijn AI-godcomplex

In de NRC van 8 augustus staat een stukje over The Infinity Machine van Sebastian Mallaby, de biografie van Demis Hassabis, hoofd research bij Alphabet, het moederbedrijf van Google. Het is een bijzonder stukje dat het gespleten karakter van Hassabis en zijn godcomplex goed weergeeft.

Net als de voormalige halfgod Ray Kurzweil denkt hij dat de singulariteit dichtbij is. Nog een paar jaar en dan is het zo ver. Ook kunnen binnen een decennium alle ziektes worden genezen. Zijn werk aan AI is hetzelfde als het scheppende werk van een god.

Bron: TIME Magazine, 2011

Deze fijne eigenschap combineert hij met een ziekelijke competitiedrang. Als hij een spelletje tafeltennis verliest van een van zijn medewerkers is hij dagenlang niet te genieten.

Het vreemde is dat hij wel pleit voor een AI waakhond. Dat moet een internationale toezichthouder zijn, geleid door de VS. Dat zal tegenwoordig geen geloofwaardig betrouwbaar instituut meer opleveren. Sinds Trump heeft de VS het beroep daarop wel helemaal verspeeld.

Tenslotte pleit hij voor een eerlijke verdeling van de gigantische opbrengsten van de AI. Welke opbrengsten? Vooralsnog is er een gat van honderden miljarden tussen de werkelijke omzet en de investeringen, en er is niet alleen geen enkel vooruitzicht dat dit gat gedicht gaat worden, er wordt zelfs voorspeld dat de investeringen doorgaan en het gat dus nog groter zal worden.

Ondertussen werkt Hassabis aan een technologie waarvan hij in het recente geciteerde essay op X schrijft dat die meer impact zal hebben dan de industriele revolutie – wel 10 keer zo groot en met 10 keer zo veel snelheid (wie horen we hier net zo brallen?). We kunnen zelf wel het punt bereiken dat hulpbronnen niet langer de beperkende factor vormen voor de vooruitgang van de mensheid, wat leidt tot een verbazingwekkend nieuw tijdperk van overvloed. En de VS zal veilig over dit nieuwe tijdperk waken. Zo blijkt Hassabis een typische slimme wetenschapper die in zijn AI-bubbel het contact met de realiteit is kwijtgeraakt.

Bergen aan Zee: Huize Glory en Museum Kranenburgh

Er staat nauwelijks wind. Alleen de steile heuveltjes in de duinen langs de Woudweg tussen Het Woud en Bergen aan Zee zijn een uitdaging. Langs de boulevard van Bergen aan Zee zoeken badgasten parkeerplekken op minimale afstand van de strandopgangen. Audi’s, Range Rovers en Porsches rijden hoopvolle rondjes op zoek naar parkeerverlaters.

We rijden de klinkerweg op die omhoog gaat naar Landgoed Huize Glory, op de heuvel die over Bergen aan Zee uitkijkt. Op het terras kijken we tussen de bomen door naar de Noordzee. Het gebouw van Landgoed Huize Glory heeft betere tijden gekend. Het is een mooi gebouw dat een oorsprong lijkt te hebben in de Amsterdamse School. Maar de voegen vallen tussen de stenen vandaan en de muren vertonen scheuren. De lunch is er desalniettemin uitstekend en uitbundig. Ik klaagde eerder over de miniburgers van NRC in Rotterdam, de Fatteh van Huize Glory is geweldig en overvloedig, en kost hetzelfde.

Uitzicht vanaf het terras van Huize Glory in Bergen aan Zee
Uitzicht vanaf het terras van Huize Glory

We rijden naar Museum Kranenburgh. Bernard Essers moet een uitermate productief graficus zijn geweest. Ik lees op tientallen werken dat ze in 1927 gemaakt zijn. Iris Le Rütte maakt beelden die, hoewel van brons, licht en vrolijk ogen. Ook haar tekeningen hebben door hun witruimte een minimalistische lichtheid. In de benedenzaal van het museum combineren modekunstenares Lisa Konno en fotograaf Paul Kooiker hun werk in een licht-absurdistische tentoonstelling van de meer dan manshoge modefoto’s van Kooiker en de speelse keramiek en sculpturen van stof van Konno.

Door de polder rijden we terug. De rij ijssmachters op de stoep bij Di Fiorentina heeft een recordlengte.

modekunstenares Lisa Konno en fotograaf Paul Kooiker in Museum Kranenburgh