In willekeurige volgorde.
De man achter het raam – Gerrit Krol Een van de eerste boeken over AI, ver voordat het een realiteit was. Het boek werd in 1982 uitgegeven. Krol is een vergeten schrijver, ondanks zijn volstrekt eigen stijl. Zelfs internationaal zijn er weinig vergelijkbare schrijvers.
De donkere kamer van Damokles – W.F. Hermans Behoeft weinig betoog. Hermans is voor mij een van de twee beste Nederlandstalige schrijver van de vorige eeuw; de tweede is Hugo Claus.
Een opsomming van tekortkomingen – Ine Boermans Een bijzonder boek van een eigenzinnige schrijfster.
Reis door mijn kamer – J.M.A. Biesheuvel Bizarre, grappige en aandoenlijke verhalen.
De joodse messias – Arnon Grunberg Misschien wel het beste boek van Grunberg.
Max Havelaar of de koffij-veilingen der Nederlandsche Handel-Maatschappij – Multatuli Tsja, een klassieker natuurlijk.
Dichtertje, De uitvreter, Titaantjes – Nescio Verrassende verhalen met een geheel eigen stijl en wereld.
Herinneringen van een engelbewaarder – W.F. Hermans
Terug naar Oegstgeest – Jan Wolkers
Stenen voor een ransuil – Maarten ’t Hart
Mijn lieve gunsteling – Marieke Lucas Rijneveld Een verrassend boek. Spierballenliteratuur, schreef ik eerder in een notitie.
Wat mis ik?

