
Te hard gefietst, sta ik hijgend in wachtkamer 2 van Radiologie. Ik hang mijn jas aan de kapstok die bijna omvalt onder het gewicht van mijn winterjas met pocketcamera in de zak.
Ik kijk naar de versleten rode coronalijnen over het groene linoleum. Niet weggehaald, zodat ze hier gelijk weer de anderhalve meter kunnen invoeren. Ik hoop het niet. Dat was wel genoeg voor een mensenleven.
Ik ben te vroeg met mijn harde fietsen, maar toch word ik al voor mijn tijd opgehaald voor de foto van mijn elleboog.
Ik mag gaan zitten in een schemerdonkere kamer met een hokje met grote glazen. Een jonge verpleegkundige schuift onder mijn elleboog een elektronisch plateau dat lijkt op een iPad. De batterijen blijken leeg. De verpleegkundige loopt naar het hokje en vervangt de batterijen.
Ze geeft me aanwijzingen hoe ik mijn arm moet leggen en verdwijnt achter het glas van het hokje. Twee foto’s, een van een uitgestrekte arm en een van een gebogen arm.
Ik mag terug naar wachtkamer 2 om te wachten op de echo van mijn schouder.
Dat duurt ook niet lang. De radioloog scant mijn ontblote schouder met het apparaatje waarmee ook baby-echo’s worden gemaakt. Inclusief de gel die niet over mijn buik maar op mijn schouder wordt aangebracht.
Op de foto zijn kalkafzettingen op de kop en extra vocht onder het schoudervlies te zien. Toch ook maar een foto, zegt de radioloog.
Naar wachtkamer 1. Even later hetzelfde donkere fotokamertje weer in. Ik moet nu rechtop staan en mijn schouder tegen de muur gedrukt houden.
De uitslag ligt deze week bij de huisarts dus daar een afspraak maken.
Hard terugfietsen en thuis uithijgen.
(15 december 2025)

