Afgelopen week maakte ik tijdens een wandeling een foto van dit bord.
Dit soort bordjes vind ik heerlijk. Zet twee dingen naast elkaar en je kunt er een verhaaltje bij bedenken. Vaak is het de tekst of een afbeelding die een beeld ambigu en interessant maakt.
Lange tijd fotografeer ik dit soort tekstjes en categoriseer ze. Zo ontstaat een hele serie van gekke borden, briefjes en mededelingen in verschillende categorieën.
Ik heb categorieën zoals: Do (aanwijzingen om dingen te doen), Don’t (verbodsborden), Go Away (hier niet parkeren etcetera borden), Or else (dreigen met boete bijvoorbeeld), Ongehoorzaam, en meer.
De voorbeelden hieronder vallen voor mij allemaal in een wildcard categorie: ‘Eheh! Huh?’.
Zoals deze Nee Nee. Of toch?
 Of deze real estate business, for sale.
Of gewoon Huh?
Wat?
De bedoeling is duidelijk, maar de tekst?
Voor intimi.
En hier kan je ook wel iets mee.
Of gewoon grappig als je het tekstje leest op deze met deze openstaande achterdeur.
‘Stoppen met huilen!’ roept vader die achter haar aan loopt.
‘Doe ff rustig,’ zegt de moeder met gedempte stem.
Het meisje huilt nog.
‘Stoppen met huilen!’ roept vader nog eens naar het meisje.
‘Doe ff normaal,’ sist de moeder naar de vader.
Het meisje klimt tegen haar moeder op.
‘Je moet stoppen met mij corrigeren, Lies. Ze moet gewoon luisteren. Het gaat maar door.’
Verderop, bij een viaduct, maak ik een foto van jongens die in een hek klimmen. Ze komen naar me toe. Ik moet de foto van ze verwijderen. Dat gaat niet, zeg ik. Waarom maak ik foto’s? Ik leg uit wat ik doe. Dat ik fotograaf ben. Ah, dat is een heel ander verhaal.
‘Ik kom toch niet in je boek, hè?’ zegt de jongen die net nog zoveel branie had.
‘Vast niet,’ zeg ik, maar het zou zo maar kunnen van wel.
Om een uur of drie breekt de zon door en werpt lange schaduwen over het land. Naar buiten en een rondje foto’s maken.
Op de parkeerplaats bij Egmond aan Zee tref ik beelden bij een marktwagen die mij aan Eggleston doen denken. Ik maak foto’s van dit niets.
Eigenlijk is Eggleston wel de leukste van zijn generatie. Niet qua persoon, maar qua instelling. Hij mist die bloedserieuze houding. Vragen om foto’s uit te leggen zijn stupid questions. Een foto is een foto. Eggleston lijkt maar wat te doen. Dat brengt uiteindelijk toch het meest verrassende beeld voort. Sommigen ergeren zich aan wat zulke voor de hand liggende beelden lijken.
Ik loop langs de volkstuintjes, de Lankies. De huisjes en de tuintjes in de duinen hebben bijna het hele jaar onderhoud nodig. Als de boel niet onder water staat, moet er grond of mest aangevoerd worden. Op het zilte duinzand groeit alleen distelachtig onkruid uitbundig.
Ik passeer een dame die haar hond strak tegen zich aan trekt.
‘Blijf maar kaaaaalm,’ zegt ze. Tegen de hond.
Mijn hond, een border collie, loopt los. Ze heeft geen interesse in andere honden en loopt met een grote boog om de vrouw met hond heen.
Af en toe stop ik om een foto te maken. Als ik bij een schuurtje voorovergebogen sta, duikt een meisje naast me op. Ze kijkt verbaasd hoe ik een vlag probeer te fotograferen.
Verderop gaat een labradoedel plat op zijn buik liggen, middenop het pad, als hij mijn hond ziet aankomen. Het baasje sleurt aan de riem. De labradoedel laat zich niet wegslepen. Mijn border collie gaat er weer in een grote boog omheen. De labradoedel staat teleurgesteld op.
Een hardloopster haalt me in en passeert me. Een Duitse herder dribbelt achter haar aan. Verderop staat de vrouw met de hond die ‘Kaaaaalm’ moet blijven. Ze trekt de hond tegen zich aan. De hardloopster passeert. De herder volgt, negeert de vrouw en de hond.
Op de parkeerplaats staat nu een auto naast de mijne geparkeerd. Een man staat naast de auto. Hij kijkt boos als hij mij ziet aankomen met mijn onaangelijnde hond. Hij doet de achterklep van zijn auto open. Twee honden springen naar buiten. Hij graait naar de riemen van de honden. Voortgetrokken door de honden loopt hij weg. Hij passeert een oude vrouw met een klein poedeltje. De honden grauwen naar het poedeltje. De man wordt bijna omvergetrokken en vloekt. Geeft een van de honden een schop.
De oude vrouw loopt langs me. Kijkt me even aan. Haar hondje volgt haar, onaangedaan.
We reizen verder met de Limited Express Thunderbird naar Osaka.
Een week Japan
We zijn nu al meer dan een week in Japan. Tokyo is een overzichtelijke heksenketel. Soms moet je je door flessenhalzen wurmen, zoals op stations of markten. En natuurlijk op de toeristische trekpleisters. Aan de andere kant, als je je even buiten de overvolle paden begeeft, is het plotseling enorm rustig, zelfs sereen.
Over het algemeen zijn de Japanners zeer behulpzaam, helemaal niet zo gesloten als je in de boekjes leest. Op het vliegveld verscheen er uit het niets een behulpzame man die ons hielp toen we stonden te schutteren bij de trein. En in deze week is dan nu al zeker vijf keer gebeurd: we staan een beetje te kijken hoe iets werkt, en plotseling staat er een iemand naast ons die vraagt of hij of zij kan helpen. Gisteren stopte de buschauffeur de bus, en kwam naar ons toe om te vragen waar we precies de bus uit wilden. Kom daar maar eens om in Nederland. Het is ondenkbaar dat een Japanse buschauffeur zou worden bespuugd door een passagier.
Over de treinen schreef ik eerder. Het blijft wennen de juiste trein te vinden uit de planningen van de verschillende vervoermaatschappijen. Google maps is redelijk accuraat, maar geeft niet altijd helder weer om welke maatschappij het gaat. Jorudan en Navitime zijn goede sites die hier beide bij assisteren. En dat went.
Toeristische trekpleisters worden overspoeld door toeristen. Je hoeft niet heel ver buiten deze gebaande paden te gaan en het is gelijk stukken prettiger toeven. Wat dat betreft is het niet anders dan in Amsterdam of New York. Heel erg druk waren de Meiji tempel in Tokyo, de Kanda Myoujin Shrine, het geisha district in Kanazawa. Nikko viel ons mee, maar schijnt ook heel erg druk te kunnen zijn.
De toiletten blijven een bijzondere ervaring. Je weet nooit wat je aantreft. De ene keer zit je op een eenvoudig toilet, de volgende keer tref je een complex apparaat met een verwarmde toiletbril. Het ingewikkeldste is het bedieningspaneel waarbij ‘de keuze is reuze’ als motto is gehanteerd. Knopjes te over, in het Japans. Het is een opluchting als het toilet bij opstaan zichzelf doortrekt, maar die mazzel hebben we niet altijd en dan is het puzzelen.
Naar Osaka
We reizen verder. Met de Thunderbird treinen we naar Osaka. Op het station wel netjes tussen de lijnen wachten, ook bij de bus! In de Thunderbird schieten we langs bebouwde gebieden met af en toe kleine rijstveldjes. Grote delen natuur zien we niet; het hele gebied van midden Japan is behoorlijk vol gebouwd.
Na Nikkō en Kanazawa, zitten we nu duidelijk weer in een meer mondaine stad; de meisjes in klederdracht zijn verdwenen. In Osaka lopen de dames er kinky bij, met rokjes die net op de billen vallen, felgekleurde haren, en suikerzoete shirtjes. Of juist in het zwart, gothic. Een andere groep kiest juist voor truttige kleding, uitbundig afgezet met kant: in het haar, op de mouwen, aan de jurken, als kraag op een shirt. Mooi hoe de tieners die bewust iets delen over wie en wat zij willen zijn.
Osaka is in de tweede wereldoorlog volledig platgebombardeerd. Het resultaat is een hypermoderne stad met veel wolkenkrabbers en een zeer levendig nachtleven. We dwalen een halve dag door de stad en als afsluiter bezoeken we het kasteel van Osaka.
Dit is de zesde aflevering van de serie ‘912 uur Japan’.
Een kalme dag. Slecht weer. Vooral in de ochtend regent het hard, zoals voorspeld. We gebruiken deze tijd voor het aan elkaar knopen van de open eindjes in de reisplanning van de komende week.
’s Middags klaart het wat op. We wandelen naar de geisha-wijk Higashi Chaya. Onderweg schieten we een sushi-restaurantje binnen om wat te eten. Er is plaats voor 15 tot 20 mensen, maar de zaak is bijna leeg. Er zit een Amerikaans stel aan de bar dat luid in gesprek is. We zijn wat laat voor een lunch, maar de kok achter de bar wil ons nog graag helpen. We weten niet wat we willen en kunnen bestellen, maar de kok stelt voor dat hij dan iets voor ons samenstelt. Dat blijkt een geweldige keuze te zijn.
Voor onze neus maakt hij met veel toewijding sushi voor ons klaar. Meticuleus. Vis en inktvis worden uit de koeling direct en met precisie gesneden en geserveerd. Deze man moet, voor zover wij kunnen beoordelen een absolute topkok zijn. Het gerecht is de overtreffende trap van de goede sushi die we gisteren aten. Deze man is een Kunstenaar met een hoofdletter K. We bedanken de kok uitbundig voor de geweldige maaltijd, die niet eens krankzinnig duur is.
Higashi Chaya
In Higashi Chaya zijn nauwelijks nog echte geisha’s te bekennen. Een enkele traditionele dame schrijdt door de straten. Japanse toeristen die zich voor de lol als geisha verkleden zijn er in overvloede, maar de kleding komt duidelijk uit de winkel waar je traditionele kimono’s kunt huren, en ze missen de waardige tred van de echte geisha.
Het is een erg toeristisch gebeuren. Er zijn veel winkeltjes waar de keramiek gekocht kan worden waar Kanazawa bekend om is. En het wemelt van de restaurantjes.
Moderne kunst in Kanazawa
In het station maken we weer de noodzakelijke reserveringen voor de Shinkansen voor de komende dagen. We lopen naar het museum voor modern kunst, het Kanazawa 21st Century Museum of Contemporary Art. We bekijken de tentoonstelling, maken een rondje door het nabijgelegen park.
Daarna slenteren we terug, passeren Ishikawamon Coffee. Tevreden met onszelf. Soms struikel je per ongeluk het beste restaurant binnen.
Dit is de zesde aflevering van de serie ‘912 uur Japan’.