8 april 2023. Gisteren zagen we een bakkerij tegenover ons hotel. Sinds we in Japan zijn, hebben we geen knapperig brood meer gegeten, en we verheugen ons op een vers pistoletje of een ander fris broodje. Maar de tafeltjes in de bakkerij blijken vol te liggen met zacht, zoet brood: currybroodjes, chocoladebroodjes, tonijnsaladebroodjes. Een wirwar aan smaken. Een beetje teleurgesteld kopen we broodjes met tonijnsalade — die gelukkig erg lekker blijken te zijn.
We wandelen door de stad en nu valt ons iets op: de maaltijdexemplaren in de vitrines voor de restaurants. Wat we in Tokio en Osaka al vaker zagen, maar waar we toen weinig aandacht aan schonken, is dat elke maaltijd die een restaurant serveert, trots wordt geëxposeerd in de etalage. Glimmende paling op rijst, van glanzend geglazuurd plastic, in een doosje van dun hout, met een plastic schijfje ingemaakte gember en een toefje groen plastic sla. Het ziet er bijna echt uit.
We bezoeken een kleine tempel op weg naar het keizerlijk paleis in de Kyotogyoen, een groot park. Onderweg komen we langs velden waar jongens en meisjes honkbal spelen. Bij het paleis blijkt dat we alleen de buitenkant mogen bewonderen. We kijken uit over een binnenplaats met strak aangeharkt grind. Mijn recalcitrante karakter wil me hierdoorheen laten rennen en deze autistisch aandoende regelmaat doen verstoren.
Via het immense station van Kyoto lopen we naar de To-ji-tempel. Overal staan emmers water klaar — voor het geval er brand uitbreekt. Veel historische gebouwen zijn een of meerdere keren door brand verwoest. We dwalen over het terrein en bekijken de tempels in de warmte. Hier is de hoogste pagode van Japan: 5 verdiepingen die de toren tot 55 meter doen oprijzen. Het lijkt een kwetsbare constructie.
We wandelen in de richting van Fushimi Inari, het beroemde tempelcomplex van Kyoto. Een stukje met de trein. We volgen de toeristenstroom een stuk de heuvel op. Het late middaglicht is mooi maar de drukte overweldigend. We besluiten morgen vroeg terug te komen en het complex dan echt te beklimmen.
’s Avonds eten we in een sushi-bar in een overdekt winkelcentrum.
Dit is de zeventiende aflevering van de serie ‘912 uur Japan’.
7 april 2023. Na het ontbijt checken we uit. Het regent weer – of nog steeds. We rennen door de regen naar het station, vlak bij het hotel. Daar ontdekken we dat de trein naar Okayama is geannuleerd door de hevige regenval. Er rijdt vandaag geen enkele trein door de bergen van het binnenland naar het noorden. Er is een bus geregeld die ons naar Awa Ikeda, in het noorden van het eiland, zal brengen. Van daaruit kan het weer verder met de trein naar Okayama en de Shinkansen naar Kyoto.
De bus slingert door het intrigerende landschap van Shikoku: steile bergen, diepe valleien, groene hellingen. Maar de wolken hangen zo laag dat ze de toppen verbergen, en de regen slaat tegen de ramen. We hadden zoveel meer van dit onverwachte avontuur kunnen genieten.
In Awa Ikeda worden we als pakketjes behandeld: de bus uit, de trein in, geen tijd voor twijfel. Efficiënt, dat wel. Het alternatieve vervoer voor de uitgevallen trein is strak geregeld.
De trein brengt ons over de lange brug weer naar het ‘vaste land’ van Honshu. We stappen over in Okayama en bereiken Kyoto als gepland.
Wat ons direct opvalt in Kyoto: er zijn enorm veel toeristen. We zijn het niet meer gewend na het toerismeluwe Shikoku. De toeristen denken kennelijk allemaal dat je alleen met de taxi kunt reizen in Kyoto; er staat een rij van zeker honderd meter voor de taxistandplaats bij het station. Allemaal westerse gezichten. Wij nemen de bus, vijfentwintig meter verderop, en laten ons voor 230 yen naar ons hotel rijden.
We checken in, pakken uit en gaan dan even de stad in. We vinden een enorme boekwinkel waar een hele wand gevuld is met Engelse manga. We neuzen er een tijdje doorheen en kopen een aantal exemplaren van Spy Family en Dragon Ball. Daarna gaan we naar de overdekte markt. Hier laten we ons door de stroom toeristen opzuigen, totdat we het zat zijn en trek hebben gekregen.
We eten in een gyoza-restaurant, dat we ontdekken in een achteraf steegje. Gyoza zijn gebakken kleine, knapperige deegzakjes gevuld met vlees en groente, een Japanse variant op dumplings. Geweldig lekker. Als we weer buiten staan, valt de laatste regen. Voor de komende dagen ziet het weerbericht er een stuk beter uit. Dat is wel fijn na twee volle dagen regen.
Dit is de zestiende aflevering van de serie ‘912 uur Japan’.
6 april 2023. Het weerbericht voorspelt de hele dag regen. Tot halverwege de middag blijft het gelukkig beperkt tot lichte motregen.
Kochi staat bekend om zijn papiermakerij: Tosa washi, een traditionele manier van papier maken. In Ino, een plaatsje op 10 minuten met de trein van Kochi, is een papiermuseum, dat het traditionele papierproductieproces laat zien. Door de lichte motregen wandelen we door het kleine, een beetje vervallen plaatsje Ino.
Als we het museum binnenkomen, is een oudere dame net begonnen met een demonstratie van papier scheppen. Een gids legt het proces uit aan een klein groepje Japanse toeristen, in het Japans, dus dat kunnen we helaas niet volgen. Een aantal keren wordt een grote zeef door een bak gehaald met ondoorzichtig, pulpig vocht. In de zeef blijft een wit laagje vezels liggen, dat met elke schep voller wordt. Het pulpwater wordt regelmatig doorgeroerd. Als de laag dik genoeg is, wordt de zeef op een houten staander gezet om verder uit te lekken.
In een volgende ruimte zijn historische gereedschappen en vele soorten papier te zien: om op te schrijven, voor kamerschermen, kalligrafie, origami, knippen en plakken. In het winkeltje bij het museum vind je veel papier, boekjes, maar ook de catalogi van de deelnemers aan de Triennale – die zien er fraai uit. Ik ontdek hier dat Kochi, en specifiek het Ino-Cho museum, de locatie is voor de International Triennial Exhibition of Prints, een evenement gewijd aan de kunst van het maken van origineel printwerk. Ik koop een paar catalogi.
We proberen de tram terug naar Kochi te nemen en wandelen van de ene halte naar de volgende. Het is onduidelijk waar de tram stopt. We moeten concluderen dat de tram niet rijdt. We bezoeken een tempel in Asakura, een plaatsje verderop: de Asakura Shrine. We wandelen om het complex heen. Het ziet er fraai uit, maar helaas is het gesloten.
We rijden met de trein terug naar Kochi. We wandelen naar de overdekte Hirome-markt, eten ontzettend lekker street food en gaan terug naar het hotel.
We doen een wasje – dat moet ook gebeuren – en plannen de reis voor morgen naar Kyoto. Buiten regent het inmiddels Japans holpijpestelen. Met achttien tot twintig graden is het in ieder geval niet koud.
’s Avonds lezen we in een boekje dat Kochi de geboorteplaats is van Anpanman, een stripfiguur bedacht door Takashi Yanase. Hij is zo populair in Kochi, en eigenlijk in heel Japan, dat hij overal in het straatbeeld terug te vinden is. Er rijden zelfs treinen van Anpanman. Anpan is een Japans zoet broodje gevuld met bonenpasta. Het gezicht van de Anpanman lijkt op zo’n broodje.
Dit is de vijftiende aflevering van de serie ‘912 uur Japan’.
5 april 2023. Ontbijt in een steriele ontbijtzaal. Op de achtergrond klinkt ondefinieerbare klassieke pianomuziek, alsof iemand een cd heeft ingedrukt en erbij is weggelopen. De tafels staan anderhalve meter uit elkaar, waardoor je je voelt als de enige gast in een verlaten hotel. Een groot raam biedt uitzicht over de straat voor het hotel. Het is bewolkt. De voorspelling: regen. Maar voorlopig blijft het droog.
Kale ontbijtzaal van ons hotel in Kochi
Gelukkig, want zo kunnen we wandelen in de Kochi Prefectural Makino Botanical Garden. Bij het station nemen we een bus die ons afzet onderaan de heuvel waarop de tuin ligt. Later ontdekken we dat er ook een buslijn is die tot aan de ingang rijdt. Maar goed, we wandelen omhoog via een pad dat volgens de bordjes speciaal is aangelegd voor monniken op bedevaart. Halverwege komt ons een monnik tegemoet, met een rugzakje op zijn rug. Hij grijnst en groet in het voorbijgaan. Puur toeval, want we zullen er geen tweede tegenkomen.
Straatbeeld in Kochi
Boven bekijken we eerst de Chikurin-tempel, dan de botanische tuin zelf, die in een klein dal en op de hellingen ligt. Veel staat nog niet in bloei — over een maand of twee moet het hier nog mooier zijn. We nemen de bus terug, die wel voor de ingang stopt.
In de botanische tuin van Kochi
In de middag bezoeken we het Ryuichi Yokoyama Memorial Manga Museum. Veel mangakunstenaars komen uit deze provincie, en hun films hebben regelmatig prijzen gewonnen in Cannes. Kochi heeft zelfs model gestaan voor een film van Miyazaki. Leuk om plekken eerst op foto’s en dan in tekeningen terug te zien.
Het museum zit in een enorm, verder leegstaand kantoorpand. Met de lift naar de derde verdieping. De dames achter het loket zijn vriendelijk, maar verstaan geen woord Engels. Met gebaren, buigingen en een plattegrond begrijpen we dat de tentoonstelling over drie verdiepingen is verdeeld. We lopen onzeker rond — er is een strakke route met pijltjes, maar we mogen ook zelf kiezen. We zijn de enigen.
De tweede afdeling is nog te vinden, maar de derde? We raken het spoor bijster. Moeten we een lift nemen? En waar is die lift? Terug bij de receptie typt een van de dames een tekst in Google Translate. Desalniettemin loopt ze voor ons uit, neemt ons mee in de lift naar de zevende etage, en brengt ons via gangetjes naar een tafeltje waarachter twee oudere dames de wacht houden. We worden overgedragen, bedanken haar uitbundig, en ze verdwijnt weer naar beneden. De oudere dames willen nog wel even ons ticket zien. Regels zijn regels.
We bekijken de ruimtes op deze verdieping. Dan is het tijd om te gaan. Maar hoe? De dames lachen en zwaaien, maar begrijpen niet wat we willen. Op goed geluk lopen we door de gangen. We zien weer een tafeltje, weer twee dames. Met buigingen en beleefdheden proberen we de weg te vragen, maar eerst moeten we een formulier invullen: naam, adres. Een man die erbij staat spreekt vijf woorden Engels: “Where you live?”
“Netherlands.”
“What?”
“Holland.”
“Ah! Holland!”
We worden naar een andere zaal geduwd. Daar staan stoeltjes van onbewerkte houten takjes. “He made, he made!”, roept de man enthousiast, wijzend met een aanwijsstok met een roze handje eraan. Een andere man grijnst trots naast de stoeltjes. We kijken elkaar aan. Waar zijn we in godsnaam terechtgekomen? Achter onze mondkapjes verbergen we een lach.
“Nice!”, zeggen we. We worden door de zaal geleid. Achter ons verzamelt zich een groepje oudere mensen. We horen “Holland” een paar keer vallen, gevolgd door oh’s en ah’s. Waar komen die mensen opeens vandaan?
Uit het gezelschap stapt een excentriek geklede dame naar voren. Ze wijst naar kunstwerkjes aan de muur, dan naar zichzelf. We complimenteren haar met het werk. We lopen door zaal na zaal, steeds verder meegevoerd door de kunstenares, met de man van vijf-woorden-Engels vrolijk kwekkend achter ons aan, zwaaiend met zijn stok met roze handje.
Een half uur later staan we eindelijk buiten.
Uitgang van het museumWachtend op de bus, in de regen, bij de AEON mall in Kochi
Het is gaan regenen. We besluiten om wat spullen te kopen in de AEON Mall van Kochi, een groot overdekt winkelcentrum ten noorden van het station. We pakken de bus er naartoe. In de mall kopen we wat praktische spullen, struinen wat rond en eten wat. Als we weer buiten staan, regent het Hollandse pijpenstelen. We nemen de bus terug en komen niet meer van onze kamer af.
In de bus terug naar ons hotel in Kochi
Dit is de veertiende aflevering van de serie ‘912 uur Japan’.
4 april 2023. In Japan voelen langeafstandstreinen aan als een upgrade. Ze zijn comfortabel en ruim, zonder gedoe met eerste of tweede klas. Iedereen heeft een zitplaats. Het doet me denken aan onze Nederlandse intercity’s, die eigenlijk meer lijken op de Japanse forensentreinen rond de steden: vaak vol, vaak staan. Maar wel minder schoon.
Tuin bij het kasteel van KochiUitzicht over Kochi vanaf het kasteelHet kasteel van Kochi
De rit naar Kochi duurt ruim vier uur. De reis zelf is een beleving. Eerst volgen we de kust, daarna snijden we door het schitterende binnenland — een aaneenschakeling van steile, dichtbegroeide groene bergen en diepe dalen. Het landschap vliegt voorbij, maar het voelt alsof je door een schilderij reist.
Kochi verwelkomt ons begin van de middag met warmte en zon. Na onze spullen bij het hotel te hebben gedropt, lopen we meteen door de stad naar het kasteel. Het kasteel van Kochi is nog in originele staat. We lopen bijna als enigen door de ruimtes. Hier op Shikoku merk je pas hoe toeristisch de grote steden zijn, en hoe fijn het is om even niet met een mensenmassa iets te bekijken. Weliswaar mist hier Engels op de borden, en spreekt bijna niemand het goed, maar wij ervaren het als een verademing. Geen gedrang, geen selfiesticks — gewoon een kasteel, een briesje, en de tijd om alles rustig te bekijken.
Tegen de avond eten we bij Hirome Market, een overdekte markt met heel veel restaurantjes. Er is vis in alle soorten, vers en heerlijk. Walvis staat niet meer op het menu, maar de walvis duikt nog overal op: in tekeningen op straat, in souvenirwinkels, zelfs op een putdeksel. Kochi was een van de havens van Japan van waaruit in het verleden de walvisvangst werd bedreven. Het voelt als een spook uit het verleden, een herinnering die nog steeds zichtbaar is, maar langzaam vervaagt.
irome market
Voor de komende dagen wordt regen voorspeld. Geen probleem, Kochi heeft meer dan genoeg musea. En regen hoort bij Japan, net als de walvissen, de kastelen en de treinen die altijd op tijd zijn.
Dit is de dertiende aflevering van de serie ‘912 uur Japan’.