We zijn weer thuis na een weekje in het uiterste zuiden van Limburg met zijn on-Nederlandse heuvellandschap.
Het huis ruikt fris, naar hout. Als nieuw, maar dat is het natuurlijk niet meer, na 20 jaar. De hond verdwijnt helemaal uit zichzelf de rest van de avond in haar mand. De spullen snel opgeruimd en een wasje draaien. Pantoffels aan. In de tuin is alles zichtbaar gegroeid. Een stapeltje post dat morgen nieuwsgierig geopend kan worden. Een fijne lege koelkast.
Ik denk terug aan toen we terugkwamen van Japan en ons huis ook zo hernieuwd en uitgerust rook. Toen wilden we terug. Terug naar die cultuur, vriendelijke mensen, de subtiliteit, de frisse energie. Nu voel ik vooral weerstand tegen mijn eigen kneuterigheid.
Een haiku bevat een woord dat het seizoen aanduidt. En heeft drie regels met achtereenvolgens vijf, zeven en weer vijf lettergrepen.
Ik probeer:
Collie opgekruld Op de mat bij de schuurdeur Natte hondengeur
Geen sterke indicator, maar de natte hondengeur kan de herfst aanduiden. Allemaal geleerd van Paulien Cornelisse. Maar waar ik dat heb geleerd staat er in mijn aantekeningen niet bij. Haar boekje Japan in honderd kleine stukjes? Het boekje is uit de boekenkast verdwenen. Misschien toch gezien op tv, bij Tokidoki?
Langs de route hangen gelamineerde A4’tjes aan lantaarnpalen en hekjes. ‘100 euro Finderlohn’ voor de vinder van de Duitse trouwring.
De ring op de foto lijkt verdacht veel op The One Ring, de ring van de Heer van Mordor. De ring, niet in Dol Guldur, maar hier in het heuvelland van de Limburgse hobbits. Is Sauron zijn ring kwijt? Honderd euro voor de vinder!
Een jongetje gaat op zijn knieën. Ziet iets glinsteren, graaft met zijn blote handen zijn nagels stuk. Honderd euro!, hij kan niet eens bedenken wat hij daar allemaal voor kan kopen.
Een hond loopt langs en steekt nieuwsgierig zijn kop in het gat dat de jongen heeft gegraven. De hond snuift, wroet in het gat, steeds driftiger. Het gat wordt groter en dieper. Een rode doek wordt zichtbaar. De hond graaft door, aarde opwerpend. Hij zet zijn tanden in de doek, rukt, en graaft weer. Even later trekt de hond de doek met een ruk uit het gat. Het is een zakdoek, en rode boeren zakdoek met donkerblauwe paisley ornamenten.
‘Hier!’ roept de jongen tegen de hond. De hond legt de zakdoek voor hem neer. In het midden van de zakdoek zit een knoop. De stof is om iets glinsterends geknoopt.
‘De ring?’, denkt de jongen.
Met zijn nagels weet hij de knoop los te maken en trekt de zakdoek uit de ring. Hij bekijkt de ring van dichtbij. In het goud zijn zilveren putjes aangebracht waarin kleine diamantjes flonkeren. De jongen steekt zijn wijsvinger in de ring.
Een pittige maar prachtige wandeling van bijna 17 kilometer voert je door de rustgevende duinen tussen Egmond aan Zee en Bergen aan Zee. Deze route, die start bij de volkstuintjes ‘De Lankies’, combineert mulle zandpaden, bosranden, duinmeertjes en weidse uitzichten. Ideaal voor wie van een uitdagende, gevarieerde natuurwandeling houdt.
Door de Lankies – Volkstuintjes in de duinen bij Egmond aan Zee
De wandeling start bij De Lankies, een bijzonder plekje met volkstuintjes verscholen in de duinen bij Egmond aan Zee. De zandpaden zijn hier bedekt met een laag hooi, wat het lopen verlicht. Verderop verandert het pad in droog, rul zand – zeker tijdens het klimmen tegen de duinen op wordt het een waar ploeteren.
Langs een afgesloten duinmeer
Bij een duinmeertje is het pad afgesloten. Een dame met een hond die eerder nog schuldig met een kromme rug op een duin zat, loopt hier bij een strandslag tussen de duinen door het strand op. Een hardloper passeert me en volgt de dame het strand op.
Ik loop door een vaag herkenbaar pad om het meer, en kan dan het pad van de route op mijn kaartje terugvinden.
Via het fietspad naar Bergen aan Zee
Ik volg een klein stukje over het fietspad van Het Woud naar Bergen aan Zee. Het is nog vroeg genoeg voor slierten racefietsers. Even verderop aan de andere kant van het fietspad weer de duinen in. Valkjes bidden tegen de helle hemel. Ik staar traanogend.
Paarden, berken en een Teletubbie-landschap
Bij een meertje laat een groepje ruiters hun paarden drinken. Een mooie foto, maar ik heb iets verkeerds gedaan bij het scherpstellen, zie ik thuis. Het landschap is hier vreemd, een steppeachtig duinlandschap met afgevlakte Teletubbie-heuvels.
Zwarte plekken met berken waar de hooglanders doorheen hebben lopen baggeren en hun diepe voetstappen hebben achtergelaten. Een heuvellandschap met lage eikjes die tegen beter weten in proberen een eikenbos te vormen.
De weg naar Bergen aan Zee en weer het bos in
Het lage bos leidt me tot de weg naar Bergen aan Zee. Ik stop even om het zand uit mijn schoenen te kloppen. Volg een stukje over een tegelpad langs de weg en dan weer zuidwaarts het bos in. Dan een stuk over de onduidelijke grens tussen bos en duin. Ik sla een uitkijkpunt over want dus een steile klim. Het is weer zwoegen door het zand.
Nieuwe natuur tussen Wimmenum en Egmond aan den Hoef
Tussen Wimmenum en Egmond aan den Hoef is op een stuk bollengrond een nieuw natuurgebied aangelegd. Dat kunnen wij, natuur aanleggen. En onderhouden. Is het dan nog natuur te noemen, of is het gewoon een project van PWN geworden?
Eindpunt van een wandeling door een verrassend landschap
Ik had meer water mee moeten nemen.
De teller staat uiteindelijk op bijna 17 kilometer, 5 meer dan gepland. Maar ook door onverwacht verrassend landschap.
Parkeren bij Verlaat is even zoeken. Ook in dit minidorp moeten de auto’s al naar parkeervakken worden verwezen. Buiten het dorp zijn de bermen ervoor vrijgemaakt.
Even verderop spreekt een tegemoet komende wandelaar ons aan.
‘Ha, echte wandelaars!’ roept hij al van een afstandje.
‘Echte wandelaars? Hoezo?’
‘Jullie schoenen!’ zegt hij. Hij wijst en kijkt naar zijn sandalen. Hij spreekt met een zwaar West-Fries accent dat ik niet zal proberen op te schrijven.
‘Is het hekje nog gesloten?’
Er ontstaat een gesprek over een hekje dat voor de opgang naar het kippenbruggetje zou moeten staan. Maar uiteindelijk begrijp ik welk hekje hij bedoelt en begrijpt hij dat er helemaal geen hekje meer is.
‘Deer zelle ze blait mee weze!’
Oké, een beetje West-Fries. Waar ik vandaan kom zouden ze ‘bloit’ hebben gezegd, niet ‘blait’, maar ook het West-Fries heeft weer zijn varianten.
Door Waarland en de landen daaromheen eentonig langs de autoweg weer naar het kanaal. Over een dicht met distels begroeid pad, de schapen doen hier half werk, langs het water terug naar Verlaat.
Waarland, Kanaal Alkmaar Omval – Kolhorn, verkrijgbaar als fine-art print