In het Fotomuseum Den Haag is een expositie van het werk van de Italiaanse straat/documentair fotografe Letizia Battaglia te zien. Rauwe beelden van de strijd met de maffia in Italie maar ook empatische beelden van de mensen in de straten van Palermo. De vormgeving van een ‘bos’ van foto’s in lichtbakken nodigt uit tot dwalen: je loopt door het bos en blijft nieuwe dingen ontdekken. Battaglia was een veelzijdig en actief mens: ze werkte als journalist, fotograaf, uitgever, activiste, regisseur, politica. Ze raakte bevriend met Josef Koudelka, met wie ze reisde en fotoreportages maakte.
In de benedenverdieping een expo van Farren van Wyk. De innemende portretten van haar familie zijn bijzonder: een familie uit Zuid-Afrika gemixt uit een donkere moeder en een witte boer, op een Nederlandse boerderij. Beetje bozig, wat ook wel werkt. De expo heet Mixedness is my mythology.
De beelden van Ruben Lundgren van alledaags China geven een geheel eigen, heerlijk absurdistische kijk op het hedendaagse China. Lundgren werkt breder dan foto’s en maakt collaga-achtige beelden en boeken. Hij verzamelt ook parafernalia over China, die hij verwerkt tot een werk zoals ‘MeNu’, een boekje over Chinees eten. zoals “MeNu” een boekje over Chinees eten. Zo heeft Lundgren een verzameling van verzamelingen gecreerd. Het is de meest verrassende van de drie exposities. Lundgren is soort Martin Parr in het kwadraat; hij werkt ook Parr samen aan het boek The Chinese Photobook.
Van het Mauritshuis kreeg Stefan Vanfleteren de opdracht om aan elke ruimte van de staande expositie aan elke ruimte van de staande expositie van de 17e eeuwse meesters een foto toe te voegen onder de naam Pentimenti (vergissingen). Dat levert een nieuwe kijk op de oude meesters in de collectie van het Mauritshuis. Vanfleteren voegt beelden in die meest minimalistische en monochrome of kleurarm zijn en daarmee contrasteren met de gedetailleerde schilderijen.
5 april 2023. Ontbijt in een steriele ontbijtzaal. Op de achtergrond klinkt ondefinieerbare klassieke pianomuziek, alsof iemand een cd heeft ingedrukt en erbij is weggelopen. De tafels staan anderhalve meter uit elkaar, waardoor je je voelt als de enige gast in een verlaten hotel. Een groot raam biedt uitzicht over de straat voor het hotel. Het is bewolkt. De voorspelling: regen. Maar voorlopig blijft het droog.
Kale ontbijtzaal van ons hotel in Kochi
Gelukkig, want zo kunnen we wandelen in de Kochi Prefectural Makino Botanical Garden. Bij het station nemen we een bus die ons afzet onderaan de heuvel waarop de tuin ligt. Later ontdekken we dat er ook een buslijn is die tot aan de ingang rijdt. Maar goed, we wandelen omhoog via een pad dat volgens de bordjes speciaal is aangelegd voor monniken op bedevaart. Halverwege komt ons een monnik tegemoet, met een rugzakje op zijn rug. Hij grijnst en groet in het voorbijgaan. Puur toeval, want we zullen er geen tweede tegenkomen.
Straatbeeld in Kochi
Boven bekijken we eerst de Chikurin-tempel, dan de botanische tuin zelf, die in een klein dal en op de hellingen ligt. Veel staat nog niet in bloei — over een maand of twee moet het hier nog mooier zijn. We nemen de bus terug, die wel voor de ingang stopt.
In de botanische tuin van Kochi
In de middag bezoeken we het Ryuichi Yokoyama Memorial Manga Museum. Veel mangakunstenaars komen uit deze provincie, en hun films hebben regelmatig prijzen gewonnen in Cannes. Kochi heeft zelfs model gestaan voor een film van Miyazaki. Leuk om plekken eerst op foto’s en dan in tekeningen terug te zien.
Het museum zit in een enorm, verder leegstaand kantoorpand. Met de lift naar de derde verdieping. De dames achter het loket zijn vriendelijk, maar verstaan geen woord Engels. Met gebaren, buigingen en een plattegrond begrijpen we dat de tentoonstelling over drie verdiepingen is verdeeld. We lopen onzeker rond — er is een strakke route met pijltjes, maar we mogen ook zelf kiezen. We zijn de enigen.
De tweede afdeling is nog te vinden, maar de derde? We raken het spoor bijster. Moeten we een lift nemen? En waar is die lift? Terug bij de receptie typt een van de dames een tekst in Google Translate. Desalniettemin loopt ze voor ons uit, neemt ons mee in de lift naar de zevende etage, en brengt ons via gangetjes naar een tafeltje waarachter twee oudere dames de wacht houden. We worden overgedragen, bedanken haar uitbundig, en ze verdwijnt weer naar beneden. De oudere dames willen nog wel even ons ticket zien. Regels zijn regels.
We bekijken de ruimtes op deze verdieping. Dan is het tijd om te gaan. Maar hoe? De dames lachen en zwaaien, maar begrijpen niet wat we willen. Op goed geluk lopen we door de gangen. We zien weer een tafeltje, weer twee dames. Met buigingen en beleefdheden proberen we de weg te vragen, maar eerst moeten we een formulier invullen: naam, adres. Een man die erbij staat spreekt vijf woorden Engels: “Where you live?”
“Netherlands.”
“What?”
“Holland.”
“Ah! Holland!”
We worden naar een andere zaal geduwd. Daar staan stoeltjes van onbewerkte houten takjes. “He made, he made!”, roept de man enthousiast, wijzend met een aanwijsstok met een roze handje eraan. Een andere man grijnst trots naast de stoeltjes. We kijken elkaar aan. Waar zijn we in godsnaam terechtgekomen? Achter onze mondkapjes verbergen we een lach.
“Nice!”, zeggen we. We worden door de zaal geleid. Achter ons verzamelt zich een groepje oudere mensen. We horen “Holland” een paar keer vallen, gevolgd door oh’s en ah’s. Waar komen die mensen opeens vandaan?
Uit het gezelschap stapt een excentriek geklede dame naar voren. Ze wijst naar kunstwerkjes aan de muur, dan naar zichzelf. We complimenteren haar met het werk. We lopen door zaal na zaal, steeds verder meegevoerd door de kunstenares, met de man van vijf-woorden-Engels vrolijk kwekkend achter ons aan, zwaaiend met zijn stok met roze handje.
Een half uur later staan we eindelijk buiten.
Uitgang van het museumWachtend op de bus, in de regen, bij de AEON mall in Kochi
Het is gaan regenen. We besluiten om wat spullen te kopen in de AEON Mall van Kochi, een groot overdekt winkelcentrum ten noorden van het station. We pakken de bus er naartoe. In de mall kopen we wat praktische spullen, struinen wat rond en eten wat. Als we weer buiten staan, regent het Hollandse pijpenstelen. We nemen de bus terug en komen niet meer van onze kamer af.
In de bus terug naar ons hotel in Kochi
Dit is de veertiende aflevering van de serie ‘912 uur Japan’.
Gisteren haalde ik een paar vakjes van het Noord-Holland Grid project in bij Koedijk. Ik parkeer onderaan de dijk, aan de kant van de polder dus. In Koedijk, heb ik wel eens gehoord, kun je op de dijk wonen, of onderaan de dijk. De mensen op de dijk kijken neer op de mensen onderaan de dijk. Volgens mijn bron, die ik eigenlijk niet vertrouw.
Ik loop richting Geestmerambacht, de recreatieplas die in de jaren zestig van de vorige eeuw werd uitgeschept. Het eerste stukje loop ik tegen een ijzige tegenwind in. Ik loop langs een fors volkstuingebied. Iedereen moet hier een tuintje hebben, reken ik grof uit, aan de hand van het aantal tuintjes en het aantal huizen. De tuintjes zijn ingepakt en wat bloot staat is vooral boerenkool en, denk ik, spruiten: lange, statige groene staken met een beetje begroeiing. Net te ver weg om het goed te kunnen onderscheiden.
Ik heb geen zin om over het fietspad te lopen en glibber over het halfbevroren pad aan de andere kant van de weg, waar ik over het water kan uitkijken. Als je geen hond hebt vertoon je je hier niet. Dat lijken de mensen te denken die ik hier tegenkom. Ze hebben wel een beetje gelijk natuurlijk. Zeker met deze wind. Wat doe ik hier?
Bij de plas aangekomen die Zomerdel heet, volg ik het pad dat Lamslik heet. Ze doen hier aan fraaie namen. Bij de brug over het Lamslik staat iemand te vissen. Ik maak nog maar een foto.
Verder langs het water, Saskevaart – ook niet slecht – tot terug aan de Kanaaldijk. Dan weer onderlangs de dijk over het Achtergraft terug naar de auto. Achtergraft betekent ‘gracht achterlangs’, zoek ik thuis uit.
In de auto heb ik het direct warm. Koud werkje, fotograferen.
Ik was ooit eerder hier in Schagen, maar toen maakte ik foto’s aan deze kant van het station. Nu wil ik de andere kant bezoeken en via de polder een rondje lopen.
Als ik geparkeerd heb en naar het tunneltje onder het spoor door loop, zie ik een kat op een brommer zitten. Heel tevreden. Ik maak voorzichtig een paar foto’s. Maar de kat beweegt niet.
Onder het tunneltje door de Dreef in. Buxushagen zijn hier een lokale specialiteit. Een brommertje scheurt langs en spuwt tweetaktgeluid en -geur.
Ik loop de polder in. Ik zie een dode eend in de berm. Het waait nauwelijks en over de poldervlakte klinkt het terugkerende thema van de blaffende hond in de verte.
Mannen stappen uit een busje en beginnen een afzetting op te ruimen. Het raampje bij de bestuurder staat open. Luid klinkt Marokkaanse muziek die me aan het geluid van de souk in Marrakesh doet denken: ritmisch, betoverend, exotisch. Maar hier in de kale polder…
Even verderop herrie op de provinciale weg. Een stoet trekkers met oranje zwaailichten schuift voorbij. Een boerenprotest?
Ik steek over, het weiland in. Een helicopter vliegt laag over en jaagt de ganzen in het veld op. De woedende ganzen weten het geluid van de helicopter te overstemmen terwijl ze laag overscheren. Ik weet net op tijd de lege batterij van mijn camera te vervangen. Dat zal je net zien. Of ik een fatsoenlijke foto heb kunnen maken vraag ik me af.
Verderop eindelijk het asfalt af, de Muggenburgerweg op, die uitloopt in een drassig dijkje. Hier wordt een nieuwe wijk aangelegd.
Dan is de pret alweer voorbij.
Ik loop door langs het spoor. Bij het station zit de kat nog steeds op het zadel van de brommer. Hij heeft zich een kwartslag gedraaid.
Afgelopen week maakte ik tijdens een wandeling een foto van dit bord.
Dit soort bordjes vind ik heerlijk. Zet twee dingen naast elkaar en je kunt er een verhaaltje bij bedenken. Vaak is het de tekst of een afbeelding die een beeld ambigu en interessant maakt.
Lange tijd fotografeer ik dit soort tekstjes en categoriseer ze. Zo ontstaat een hele serie van gekke borden, briefjes en mededelingen in verschillende categorieën.
Ik heb categorieën zoals: Do (aanwijzingen om dingen te doen), Don’t (verbodsborden), Go Away (hier niet parkeren etcetera borden), Or else (dreigen met boete bijvoorbeeld), Ongehoorzaam, en meer.
De voorbeelden hieronder vallen voor mij allemaal in een wildcard categorie: ‘Eheh! Huh?’.
Zoals deze Nee Nee. Of toch?
 Of deze real estate business, for sale.
Of gewoon Huh?
Wat?
De bedoeling is duidelijk, maar de tekst?
Voor intimi.
En hier kan je ook wel iets mee.
Of gewoon grappig als je het tekstje leest op deze met deze openstaande achterdeur.