Vorige week had ik een afspraak in IJmuiden om af te stemmen over mijn tentoonstelling in de bibliotheek. Ik maakte van de gelegenheid gebruik om een rondje door het havengebied te lopen. Het valt me opeens op dat het havengebied van IJmuiden een beetje zijn ruwe uiterlijk begint te verliezen. Op een stuk braakland bij het Sluisplein verrijst een appartementencomplex. De sluizen zelf zijn vernieuwd en hebben veel van hun betonpatina verloren. Het oude Havengebouw aan de Halkade is gesloopt. In het dal bij de Margadantstraat is een bedrijventerrein gebouwd. Gelukkig heeft het oude pakhuis op de hoek van de 4e Havenstraat, waarin nu Kapteijn zit, de dreiging van sloop doorstaan en is het bij een verbouwing gebleven.
Ik denk even dat ik lijd aan aan wat in het Engels met de term Industrial Nostalgia wordt aangeduid, en waarvoor ik geen Nederlandse vertaling kan vinden (en waarvoor vreemd genoeg nog geen Wikipedia-artikel bestaat). Maar nostalgie suggereert echter een emotie, maar het gaat mij er meer om dat zo weinig mogelijk van dit typerende unieke beeld verdwijnt en niet is vastgelegd voor het plaatsmaakt voor een vooralsnog onduidelijke typologie.
Een paar maanden geleden heb ik de Chris Killip-retrospectieve in Den Haag bezocht in het Fotomuseum Den Haag. Het was een fantastische tentoonstelling in het Fotomuseum Den Haag.
De zondag na mijn bezoek aan de show ging ik naar een festival voor tweedehands albums. Ik snuffelde tussen de platenbakken en vond een interessante plaat van Ian Dury, Laughter, het album dat in 1980 werd uitgebracht. Ik kocht de plaat. Later luisterde ik naar de plaat en las ik de albumhoes. Chris Killip maakte de foto’s op de albumhoes.
Chris Killip kreeg de opdracht om foto’s te maken voor de hoes van Laughter, het album dat in 1980 werd uitgebracht door Ian Dury and the Blockheads.
Ik kan geen informatie vinden over de achtergrond van deze samenwerking. Zelfs de AI’s zwijgen hierover.
Deze week liepen we over de Engbertsdijkvenen. We spotten een een zeldzame vogel, de blauwborst (Luscinia svecica) . Met behulp van de app Merlin Bird ID, waarmee je vogels kunt beluisteren zoals je ze nog nooit hebt gehoord.
We zagen ook Homo copiarius avium, een soort Homo sapiens uitgerust met een fotocamera met een 800 mm-lens. Ik kan deze soort vrij goed inschatten, aangezien ik tot de verwante ondersoort Homo copiarius platea behoor, eveneens uitgerust met een camera, maar dan met een 28 of 35 mm-lens. Terwijl de Homo copiarius platea zoals ik vaker wordt aangetroffen in bewoonde gebieden, waar hij over het algemeen geïsoleerd opereert, wordt de Homo copiarius avium aangetroffen in natuurreservaten, waar ze opereren in groepen van 3 tot 7 soortgenoten, en zich vaak verzamelen in observatiehutten om hun verzamelingen van vastgelegde vogels te delen.
Ik ben bezig met het afdrukken van deze serie zwart-witfoto’s en eindelijk gaat nu goed. De afdrukken op Canson Infinity Baryta Photographique II (bedenk eens zo’n naam voor een papiersoort) zien er erg mooi uit.
Nu wil ik de resultaten van dit werk delen, dus moet ik een goede foto van de afdruk maken. Dat is niet zo eenvoudig als het lijkt. Ondanks de glans van het papier reflecteert de afdruk licht, waardoor er donkere vlekken op de foto ontstaan. Niet zo mooi.