Kanazawa per Shinkansen: Kenroku-en tuin en een magnetron-restaurant

22 maart 2023

Na twee dagen in de bergen van Nikko is het tijd voor de westkust. We reizen 600 kilometer naar Kanazawa, van Nikko naar de westkust van Honshu. Voor de zekerheid controleren we onze reisplannen bij het JR station in Nikko, nog niet helemaal gewend aan het treinensysteem. Maar de trein rijdt als we dachten. We regelen hier ook gelijk de rest van de reserveringen voor de tot nu geplande Shinkansen ritten.

Toeristen kunnen een Japan Rail Pass kopen, waarmee je een, twee of drie weken aansluitend met de meeste treinen en bussen kunt reizen, inclusief de Shinkansen lijnen. De ingangsdatum van de pass regel in Japan zelf op een JR Station.

Op het perron proberen we een flesje warme koffie uit een automaat. Automaten met diverse producten kom je overal in Japan tegen. In de meest afgelegen plekken kan je opeens tegen een automaat aanlopen met thee, koffie, en frisdranken. De koffie is niet goed en niet slecht; drinkbaar, wat ons eigenlijk meevalt.

We zijn nog niet zo lang in Japan dus de strakke lijnen op het perron waarmee wordt aangegeven hoe je moet voorsorteren voor het instappen zijn nog indrukwekkend. Zoals we in Nederland chaotisch samendrommen voor de treindeuren is in Japan ondenkbaar. Niemand dringt voor.

Japanners zijn echt heel erg behulpzaam. Vanochtend staan we even bij een automaat te prutsen met de Google app om te vertalen wat de automaat verkoopt. Van de andere kant van het perron komt een man naar ons toe om te vragen of hij ons kan helpen. Dat is al de vijfde of zesde keer dat dit ons gebeurt in de korte tijd dat we in Japan zijn. Dit lijkt te contrasteren met de schuwheid die je soms ook ervaart. Misschien dat de Japanners die Engels spreken zich ogenblikkelijk geroepen voelen om buitenlanders in hun land te helpen.

De trein naar Utsonomia blijkt een metro. De overstap op de Shinkansen naar Omiya en dan naar Kanazawa is vanzelfsprekend.

Jammer genoeg kan je niet veel van het landschap zien waar we doorheen reizen. De Shinkansen rijdt de meeste tijd in een halfhoge betonnen bak waar je vanuit de trein net niet overheen kunt kijken. Maar waar we het landschap kunnen zien, is het fantastisch. Een landschap dat voor ons nieuw is. De heuvels, dalen en rivieren lijken niet op iets dat we al kennen. Overal is de inrichting van het landschap verzorgd. Japan is natuurlijk dicht bevolkt, zeker vergeleken met Nieuw-Zeeland waar we net vandaan komen. Toch is het nergens chaotisch. Alles lijkt onder controle.  

De snelheid van de trein is indrukwekkend. We moeten twee keer overstappen en een stuk met de bus in de stad, en toch staan we 5 uur later en 600 km verderop voor ons nieuwe onderkomen in Kanazawa.

Uitzicht over Kanazawa, Japanse meiden op een bank op de voorgrond

Omdat het weer zo prachtig is, gaan we direct de Kenroku-en tuin bezoeken; naar zeggen een van de mooiste tuinen van Japan. Met het middaglicht dat eind van de dag langzaam steeds lager zakt en langere schaduwen trekt, krijgen de oude bemoste bomen en de vroegbloeiende bloesembomen een aparte sfeer. Jongeren lopen in traditionele kleding, we kwamen dit ook in Tokyo tegen.

Jonge vrouwen in traditionele kleding op een brug in Kenroku-en tuin in Kanazawa
Met palen ondersteunde bomen in Kenroku-en tuin in Kanazawa

Tegen 7 uur gaan we op zoek naar een restaurant. Hoewel we aan de rand van het centrum van de stad zitten, blijken veel restaurants al gesloten. We vinden een klein restaurantje onderin een onaanzienlijk grijs betonnen gebouw, waar een op een bord te lezen is dat ze koffie en breakfast verkopen. Ishikawamon Coffee is inmiddels gesloten. Op het internet vond ik een teleurgesteld bericht dat ik helemaal begrijp: https://kanazawa-drifter.net/entry/cafe/closed/ishikawa-mon

Als we naar binnen lopen, zien we drie zachtjes-kletsende tienermeisjes zitten aan een tafeltje; de ruimte is verder leeg. We twijfelen of dit wel is wat we zoeken, de meisjes zitten aan de thee. Net als we denken verderop ons geluk te proberen, komt er een heel kleine, gebogen, magere oude dame naar ons toe. Ze viel niet meteen op; de vloer achter de bar is verlaagd waardoor ze net aan met haar neus boven de bar uit komt. Ze schuifelt naar ons toe en wijst ons een tafeltje. Ik kijk om mij heen maar ik zie geen keuken. ‘Misschien ergens achter?’, denk ik nog. Met gebaren en wat Japanse woorden maken we duidelijk dat we wat willen eten en verdomd; ze komt met een kleine menukaart aan, in het Japans.

Onze vriendelijke gastvrouw blijkt een paar woorden Engels te spreken, waardoor we er samen uitkomen. We kunnen kiezen uit huisgemaakte curry, pasta of pilav. Geen Japans? We kiezen beide voor de curry. De dame verdwijnt achter de bar, rommelt wat in een vriezer en als ze weer tevoorschijn komt, heeft ze twee Tupperware-bakjes in haar handen waarmee ze achter een gordijntje verdwijnt. We horen een deurtje open en weer dichtklappen en daarna het bekende geluid van knoppen die ingedrukt worden, gevolgd door het zoemende geluid van een magnetron. De curry met rijst is dan opgewarmd, maar desalniettemin zeer smakelijk. Morgen maar eens proeven wat voor breakfast ze voor ons kan toveren.

Ishikawamon Coffee is inmiddels gesloten.  https://kanazawa-drifter.net/entry/cafe/closed/ishikawa-mon

Met palen ondersteunde bomen in Kenroku-en tuin in Kanazawa
Met palen ondersteunde bomen in Kenroku-en tuin in Kanazawa
Huis in Kanazawa met lpanten en een boom
Straat in Kanazawa in de avond

Dit is de vijfde aflevering van de serie ‘912 uur Japan’.

Lees hier de vijfde aflevering.

Desert Island mixtape: 27 nummers geïnspireerd door Greil Marcus

Ik maakte deze week een nieuwe mixtape. Geïnspireerd door het herlezen van Greil Marcus’ Stranded – Rock and Roll for a Desert Island – waarin verschillende mensen gevraagd worden welke platen ze mee zouden nemen als ze naar een eenzaam verblijf op een eiland zouden worden verbannen. Het is een interessante verzameling essays over deze albums, aangevuld met Marcus’ eigen lijst van platen die hij als essentieel beschouwt voor de rock-‘n-roll-ervaring.

Greil Marcus Stranded - Rock and Roll for a Desert Island - mixtape cover

Een tijdcapsule

Het is een momentopname, toch zijn er een paar nummers bij die hoog in mijn all-time favorites scoren: Dylan’s I Want You en de weirdness van Captain BeefHeart’s Frownland.

(Door mij toegevoegd om de cassette te vullen: PJ Harvey, nog een BeefHeart: Lick My Decals Off, Baby en Kingdom Come van Pere Ubu.)

De volledige Desert Island mixtape playlist:

  1. These Dreams of You (Live) – Van Morrison
  2. Street Fighting Man – The Rolling Stones
  3. Rosalita (Come Out Tonight) – Bruce Springsteen
  4. Frownland – Captain Beefheart
  5. Who Loves the Sun – The Velvet Underground
  6. Doolin-Dalton – Eagles
  7. Fever – Little Willie John
  8. Tin Soldier Man – The Kinks
  9. Sheena Is a Punk Rocker -Ramones
  10. The Fuse – Jackson Browne
  11. Looking For A Kiss – New York Dolls
  12. Don’t You Just Know It – Huey ‘Piano’ Smith
  13. The Lord Will Make A Way Somehow – Thomas A. Dorsey with Marion Williams
  14. Tired Eyes – Neil Young
  15. Ballerina – Van Morrison
  16. White Rhythm & Blues – Linda Ronstadt
  17. I Want You – Bob Dylan
  18. You Know I Know – The Rockin’ 5 Royales
  19. Sure ‘Nuff ‘n’ Yes, I Do – Captain Beefheart
  20. Running on Empty – Jackson Browne
  21. When Will I Be Loved – Linda Ronstadt
  22. How Kind Of You – Paul McCartney
  23. Unknown Legend – Neil Young
  24. Hello, There – John Cale
  25. Bitter Branches – PJ Harvey
  26. Lick My Decals Off, Baby – Captain Beefheart
  27. Kingdom Come – Pere Ubu

Greil Marcus stranded desert island mixtape playlist

Make Your Own?

Hoe zou Desert Island mixtape klinken? Het mooie aan Marcus’ vraag is dat er geen verkeerd antwoord is.

→ 🎵Luister naar de afspeellijst op Qobuz
→ Heel lang geleden verschenen maar nog steeds in herdruk verkrijgaar: Greil Marcus’ Stranded
→ Lees hier mijn originele post uit 2015 over dit boek

Greil Marcus mixtape de cassette

Sally Mann’s Creative Process: Limitation, Luck and Tenacity

Sally Mann - Art Work - On the Creative Life - book cover

“We discover who we are by being who we are and making what we make.” This raw truth, from Sally Mann’s memoirs in Art Work (subtitle: On the Creative Life), captures the unvarnished, direct, and human core of her work. Both in photography and now in writing.

The Southern Voice: No Bullshit, Just Story

Forget polished, theoretical treatises on creativity. Sally Mann’s writing has the same extraordinary, direct tone as her photography, delivered in the cadence of her Southern American accent. Storytelling without gloss: unapologetic yet warm. She tells us about the junkies who wrecked her caravan, a meeting with an Emir in Qatar, and countless failed road trips. She describes these “shitty things happening” in a way that is wildly entertaining. Stories interspersed with advice, illustrated from the happenings her own life.

The Alchemy of Limitation: Short on Time, Short on Money

Mann’s creative engine grew despite constraint. Pressed for time while raising three children, short on money and resources, she turned her lens inward and started shooting her family in her living room. Where else to go? It did not start as a grand artistic statement but a practical necessity. It became her masterpiece. She proves a vital truth: limitation doesn’t stifle creativity. It focuses it. She tells us to this principle further, reducing daily choices: eat the same thing, wear the same clothes – to conserve creative energy for the work that mattered.

The Unlikely Bedfellows: Insecurity, Luck, and Tenacity

Her process demystifies talent. She reviews her early pictures in het typical style:

These show you exactly why the gods didn’t take the trouble, at the moment, to wipe the ambrosia off their hands and slap the upstart down.

She pairs youthful courage with the inevitable necessity of insecurity.

Then there’s luck. She talks to a random man in town who turns out to be the exact person with the scarce knowledge of the wet-plate collodion process she sought. Later, she magically finds the specialist image-maker from Pixar she needed. But Mann’s point is sharper: luck is begotten by action. You have to be out there, talking to people, pushing doors, for serendipity to find you.

The Process Is the Point: Making, Failing, Weeding

Mann is a gifted writer who spits her heart onto paper, an act she sees as deeply related to photography. Both are observant, self-centered (in the necessary sense), analytical activities that require a long breath and ruthless editing, a constant weeding.

Sally Mann selected work

Her central tenet is to make a lot of work, as good as possible. She writes extensively about failed pictures, the necessity of taking many to get one good one. You only understand a work and yourself after the fact:

We can only make the work by discovering it through the process. You can make what you are. Only that.

She keeps the paraphernalia of these endeavors, the physical traces of the process that tell their own story. Her mantra is to avoid gimmicks; funny lenses are just noise. She’s looking for the pictures with the Tabasco in the Bloody Mary: the essential, potent kick.

Forget Opinions: Sincerity, Scandal, and Self-Censorship

Mann tackles the orthodoxy of public opinion head-on. She recounts the uproar over a picture like “The Three Graces Peeing”. The reaction often says more about the viewer’s own cultural fundamentalism than the art itself. Her lesson: Forget people’s opinions about your art. Your sincerity is important only to you.

This connects to a very current issue: the slide into self-censorship. She observes how, in response to perceived external fundamentalism, society can contract into its own dogma. The real danger isn’t the provocative work but the instinct to silence it, to create a Handmaid’s Tale of the mind.
She also writes with raw honesty about her own perceived cowardice, like when photographing her “black man” series. The relatable pinch that it brings to me: Why am I not braver in expressing my opinion in the work I make?

Sally Mann selected work

The Takeaway: Passion, Tenacity, and Who You Are

So, what’s the useful advice from all this? Take it easy. Don’t be too hard on yourself. You can be totally distracted with life, but that’s good for something. Stay on the bus. At some point, it will pay out in your work. Talent is real, but passion and tenacity are what get the work done. The 10,000 hours, the deliberate practice of showing up in the living room with your kids, in the caravan after the junkies, on the road trip that goes nowhere.

Start where you are. Look nearby, close to home. Keep going. And trust that one day, someone will find the beauty in what you made.

We discover who we are by being who we are and making what we make. That’s it. That’s the whole thing. A beautiful book.

Also read about: I Will be Wolf from Bertien van Manen.

Nikko: kekkō, shimenawa en een ongeduldige gids

21 maart 2023 – Nikko

Het hotel biedt geen ontbijt, maar op de eerste verdieping is een klein zitje waar we zelf filterkoffie kunnen maken. Een bejaard echtpaar helpt ons. De vrouw is vriendelijk en behulpzaam, geduldig uitleggend hoe het koffiezetapparaat werkt. De man is nors en kortaf, knikkend als we iets vragen maar verder niets zeggend.

“My son,” zegt de oude vrouw. Ze knikt naar de norse jongeman achter de receptiebalie.

We drinken koffie bij het raam. De zon licht het laatste restje winterse sneeuw op de bergtoppen op. De lucht is helder en scherp, zoals alleen op hoogte mogelijk is.

tempel in het tempelcomplex van nikko

Nikko Kekkō

De Japanners hebben een gezegde: je kunt pas zeggen dat iets kekkō (prachtig) is, nadat je Nikko hebt gezien.

We wandelen opnieuw door het park. We zijn vroeg, het is nog rustig. We zien andere dingen nu. De echte omvang van het complex vooral. Hoeveel tempels, musea, mausolea en torii er werkelijk zijn, verstopt tussen de dikke bemoste bomen en oude stenen muurtjes.

een beeld in rood bij het tempelcomplex van nikko

Het mos op de stenen is dik als een tapijt. Bomen grijpen zich met kronkelende wortels vast aan de rotsen.

Tegen het middaguur begint het druk te worden. We eten een Anpan bij een kraampje. Dat is een broodje met een zoete rodebonenpasta. Dan verlaten we het complex. Een een stroom mensen beweegt langs ons, van het station naar het tempelcomplex. Voor het overgrote deel zijn het Japanners. Hier en daar horen we Amerikaans, Frans of Duits. Maar het zijn uitzonderingen.

Kanaya Hotel History House

We bezoeken het Kanaya Hotel History House, een stukje lopen vanaf de uitgang van het tempelcomplex. Ongeveer vierhonderd jaar geleden was dit een woning voor samoerai-krijgers. In 1873 werd het omgebouwd tot Kanaya Cottage Inn, een van de eerste plekken in Japan waar buitenlanders konden logeren.

Bij de ingang wordt het ticket uit het boekje gescheurd en krijgen we een muntje in onze hand gedrukt. Om het museum te bereiken moeten we door een zaal met deftig geklede mensen die zitten te lunchen. Vreemd om door iemands lunchruimte te moeten lopen om bij een museum te komen.

Het muntje is bedoeld voor de toegangspoort, een klein mechanisch poortje, ouderwets. Het klikt open en we gaan door.

De bejaarde gids met een schema

De entree van het museum is een kale ruimte. Hier kunnen we onze schoenen uitdoen en sloffen aantrekken. Bruine plastic sloffen, veel te groot, die klepperen bij elke stap.

We zijn de enige bezoekers.

Er hangen pijltjes aan de muur die de route aangeven. Ruimte na ruimte. Het huis is nagenoeg leeg. Geen meubels, geen decoraties. Alleen houten vloeren en die typische kamerschermen die ruimtes groter of kleiner kunnen maken.

Na een minuut of vijf verschijnt er plots een bejaarde Japanse vrouw. Ze spreekt ons aan op driftige toon, in moeilijk verstaanbaar Engels. Veel gebaren. Wijzend naar ons, naar de pijltjes, naar de volgende ruimte, terug naar waar we vandaan komen. De boodschap is desalniettemin duidelijk: we mogen niet op eigen houtje rondlopen. We moeten haar volgen.

In hoog tempo worden we door de rest van het pand geleid. Ze loopt snel voor een oude vrouw. Ze wijst, zegt dingen die we niet verstaan, opent schuifdeuren en sluit ze weer. Soms blijft ze staan en wacht ongeduldig tot we hebben gekeken. Dan loopt ze alweer door.

De tuin achter het gebouw is fraai. Keurig verzorgd. Kleine boompjes, zorgvuldig gesnoeid. Een vijver met koi. Stenen paden. Het is stil hier, vredig, in schril contrast met het ongeduld van onze gids.

“Beautiful,” zeg ik.

Ze knikt. “Yes, yes. Now we go.”

En dan worden we weer op straat gezet. Ze begeleidt ons naar de uitgang, buigt kort, en verdwijnt weer het gebouw in.

Kijkje op het park bij Nikko Tamozawa Imperial Villa

Nikko Tamozawa Imperial Villa

We wandelen door naar Nikko Tomazawa Imperial Villa. Een traditionele woning uit het begin van de twintigste eeuw, gelegen in een mooi park. De villa diende als buitenverblijf voor de keizerlijke familie tijdens de eerste helft van de twintigste eeuw.

We dwalen door de lege ruimtes en het stille park. We genieten van de rust na de afgelopen dagen van stads- en toerismedrukte. Het park en de woning zijn in strakke stijl neergezet en vormen een geheel dat gebalanceerd aanvoelt.

Shimenawa: een touw als grens

We leren dat in Japan een touw aan een steen gebonden en op het pad gelegd of opgehangen een teken is voor verboden toegang. Dit heet een shimenawa, een traditioneel symbool om grenzen aan te geven.

Nikko Tamozawa Imperial Villa - shimenawa

Zo. Het is mooi geweest.

We lopen terug richting het centrum. De zon staat lager nu, de schaduwen worden langer.

Nikko is inderdaad kekkō. Maar ook een beetje bizar.

Beelden met Jizo, de rode mutsjes op de beelden

Dit is de vijfde aflevering van de serie ‘912 uur Japan’.

Lees hier de vierde aflevering.

Van Atwood naar Kang: twee dystopische meesterwerken die je raken

Margaret Atwood - The handmade's Tale boekomslag

Na The Handmaid’s Tale van Margaret Atwood las ik Mensenwerk van Han Kang. Beide dystopische boeken delen een dystopische wereld, maar waar ik Atwoods verhaal over onderdrukking al kende, verraste Kang me met een vergelijkbare, maar onverwacht rauwe benadering. De overeenkomsten tussen de twee romans zijn fascinerend, maar het zijn juist de verschillen die ze zo indringend maken.

Religie en macht: de wortels van onderdrukking

Zowel The Handmaid’s Tale als Mensenwerk spelen zich af in een wereld waar een totalitair regime de bevolking onderdrukt. Bij Atwood is de macht in handen van een fictioneel orthodox-christelijk gezag, dat vrouwen reduceert tot broedmachines in een theocratische staat. Kang daartegenover schetst een reëel nihilistisch, militair dictatoriaal bewind van Zuid-Korea, waar geweld en willekeur de norm zijn. Beide regimes gebruiken intimidatie, onderdrukking en geweld om hun greep op de samenleving te behouden. Hoewel de ideologieën verschillen, is de uitkomst hetzelfde: een wereld waarin de menselijkheid is verdwenen.

Han Kang - Mensenwerk boek omslag

Een vrouwelijk perspectief op verlies en verzet

Beide romans worden verteld vanuit een vrouwelijk perspectief, maar de manier waarop is opvallend anders. In The Handmaid’s Tale is de onderdrukking van vrouwen het centrale thema. Offred, de hoofdpersoon, leeft in een wereld waar haar lichaam niet van haar is. Haar gedachten zijn haar enige vluchtroute, en haar herinneringen aan haar dochter en man houden haar staande. De toon is koel, bijna klinisch. Een afstandelijkheid waarmee ze zichzelf beschermt tegen de gruwelen om haar heen.

Mensenwerk daartegenover is emotioneel en onverbiddelijk. Het geweld wordt niet verzacht, maar in al zijn rauwe details beschreven. Bloed, pijn en verdriet zijn niet alleen onderdelen van het verhaal, ze zijn de essentie. De vrouwelijke personages in Kang’s boek ervaren het geweld niet alleen fysiek, maar ook emotioneel. Het verlies van een kind, een thema dat in beide boeken centraal staat, wordt bij Kang intens envan dichtbij beschreven.

Afstand versus rauwe werkelijkheid

Atwoods stijl is beheerst, bijna afstandelijk. Offreds dagboeknotities weerspiegelen haar poging om zichzelf te beschermen door emotionele afstand te creëren. Kang kiest voor het tegenovergestelde: ze sleurt je mee in een wereld van bloed, tranen en onverdraaglijke keuzes. Waar Atwood je als lezer laat nadenken, dwingt Kang je om te voelen. Het contrast tussen deze twee benaderingen maakt de boeken complementair: Atwoods koelte confronteert je met de systematische wreedheid van een regime, terwijl Kang je dwingt om de emotionele consequenties te ervaren.

Een wetenschappelijke blik: alsof je een onderzoek leest

Wat beide boeken bijzonder maakt, is hun vertelstructuur. Ze presenteren de gebeurtenissen alsof ze deel uitmaken van een wetenschappelijk onderzoek, een historische, sociologische analyse van een donkere periode.

In The Handmaid’s Tale wordt het verhaal verteld aan de hand van teruggevonden dagboeknotities van Offred, alsof een toekomstige onderzoeker haar woorden analyseert. Het voelt alsof je als lezer een reconstructie leest, een poging om de gruwelen van Gilead te begrijpen en te documenteren.

In Mensenwerk worden archieven geanalyseerd en gaat de beschrijving nog een stap verder. Het verhaal wordt niet alleen verteld vanuit meerdere personages, maar zelfs vanuit de stemmen van overledenen. Dit geeft het boek een vreemde mythische kwaliteit. Het is alsof Kang de lezer uitnodigt om de gebeurtenissen te bestuderen, alsof het een casestudy is in menselijk lijden. Beide boeken confronteren je niet alleen met de gruwelen zelf, maar ook met de vraag: hoe kunnen we dit ooit begrijpen?

Waarom deze boeken nu relevanter zijn dan ooit

Ik zou willen dat ik zou hoeven zeggen dat beide boeken vandaag de dag niet actueler hadden kunnen zijn. Orthodox-religieuze en militaristische regimes domineren nog steeds het wereldnieuws. The Handmaid’s Tale en Mensenwerk zijn niet alleen waarschuwingen uit het verleden. Ze zijn spiegels die ons confronteren met de kwetsbaarheid van onze eigen vrijheid.

Welke wereld trof jou?

Atwood waarschuwt, Kang confronteert. Beide boeken laten zien hoe literatuur ons de donkerste kanten van de mensheid doet begrijpen. Heb jij één van deze romans gelezen? Welk boek trof jou het meest?

Verder lezen?

Lees ook Neil Postman over Huxley en Orwell of over Fahrenheit 451 van Ray Bradbury.

Meer book reviews op mijn book reviews page.